Illustreer je fondsaanvraag

Stop! (In the name of love)
Sta je op het punt je subsidieaanvraag te versturen? Ho! Stop! Controleer eerst even of je niet vergeten bent beeldmateriaal (of film- of geluidsfragmenten) toe te voegen. Je zal niet de eerste zijn die probeert een hele lading tekst in een maximum aantal pagina’s te stoppen. (Is lettergrootte 9 eigenlijk nog leesbaar?) Je hebt natuurlijk ook heel veel uit te leggen over je drijfveren, artistieke inhoud, marketing en planning. Maar een goede subsidieaanvraag weet, naast het helder voor het voetlicht brengen van alle vereisten, ook vooral de fantasie van de lezer te prikkelen.

Een foto zegt meer dan duizend woorden
Het is daarom aan te bevelen om toch ergens een alinea ruimte te maken om een aantal foto’s in te voegen. Dat kunnen beelden zijn van eerder werk, van je deelnemers, schetsen van het werk, of inspiratiebronnen. Help de lezer voor te stellen wat jij in je hoofd voor je ziet.

Ja maar, ik schrijf een aanvraag voor een tekst of muziek?
Het gaat erom dat je je werk inzichtelijk maakt voor de lezer, dat je het laat leven. Stuur bijvoorbeeld een pagina van een eerdere tekst die je geschreven hebt mee. Of maak een spotify/youtube/itunes-lijstje met artiesten die je graag wilt programmeren op je festival.

Ja maar, mijn werk staat al op mijn site
Dat is supergoed! Maar niet genoeg voor je aanvraag. Natuurlijk zal je site ergens in je aanvraagformulier terugkomen, maar als je er niet concreet naar verwijst zal lang niet iedere lezer de site uit zichzelf doorspitten. Het is namelijk de opdracht van de adviseur om het plan dat voor zijn of haar neus ligt te beoordelen, niet alles wat verder nog over jou te googelen is. (En dat is misschien maar beter ook.) Daarnaast wil je zelf enige controle houden over wat hij of zij ziet aan materiaal. Dat ene project vijf jaar geleden was dan wel heel goed voor je artistieke ontwikkeling, maar die trailer staat wellicht heel ver af van wat je nu voor ogen hebt.

Ik heb echt geen plek meer
Ha! Lang leve de pdf. Hier kan je hele fijne klikbare linkjes in plaatsen die verwijzen naar YouTube filmpjes of een fotocollage op je site. Zorg ervoor dat de adviseur zich gemakkelijk kan verdiepen in jouw werk of wereld.

Be kind, rewind
Maar, wees vriendelijk. Maak geen ellelange speellijsten of een enorme bijlagenpagina op je website. Er zit niet voor niets vaak een maximum aantal pagina’s aan je aanvraag. Wees to the point en voeg alleen dat toe dat voor deze specifieke aanvraag van belang is.

Vijf tips voor een goede aanbiedingsbrief

Heb je net een 10 pagina’s projectplan geschreven, je dekkingsplan geperfectioneerd, en een stapel formulieren ingevuld, komt er nog een tekst aan: de aanbiedingsbrief. Een korte brief aan het fonds ter introductie van je project. Ohw hoe verleidelijk is het dan om de inleiding van je projectplan te copy-pasten. En tegelijkertijd is dat zo zonde. Een aanbiedingsbrief biedt je (naast de verplichte hoofdstukken van je projectplan) namelijk volledige vrijheid om je verhaal toe te lichten vanuit jouw perspectief. Ga dus toch maar weer even terug achter je toetsenbord. Wij helpen je vast op weg.

1. Maak het persoonlijk

Zorg ervoor dat de aanbiedingsbrief altijd geschreven wordt door de persoon die het project bedacht heeft of de inhoudelijke motor is achter het geheel. (Vaak ben jij dat dus.) Iemand anders kan altijd nog een spellingscheck doen, het gaat om jouw verhaal. Op dit A4tje heb jij de vrijheid om te vertellen wat jij wil vertellen; hoe je op dit idee kwam, waarom je dit zo graag wil doen en waarom de wereld (of in ieder geval jouw wereld) veranderd is.

2. Maak het persoonlijk voor het fonds

Vertel niet alleen je eigen persoonlijke verhaal, leg ook uit aan het fonds waarom je dit geld specifiek aan hen vraagt. Hoe ben je bij het fonds terechtgekomen, waarom vraag je bij hen aan, hoe past het volgens jou bij hun activiteiten? Of, wat maakt het fonds bij toekenning precies mogelijk? Welk stukje van de puzzel leggen zij?

3. Nieuwe informatie

Je projectplan, de ingevulde formulieren, je verhaal vertel je vaak in een behoorlijk strak stramien. Pas op dat je in je brief niet in herhaling valt. Dit is juist het moment om dat stramien even los te laten. Je hebt een heel A4 de vrijheid te vertellen wat ergens anders niet past. Maak daar gebruik van. Maar…

4. Houd het kort en bondig

Ga niet een nieuw projectplan schrijven. De aanbiedingsbrief is de persoonlijke noot in het geheel, een moment om je stem te laten doorklinken. Houd dat vooral kort en bondig. Een A4 is meer dan genoeg, en zelfs dat papier hoeft niet helemaal gevuld, want…

5. Enthousiasmeer

… In vervolg op punt 4: ga niet eindeloos uitleggen, maar enthousiasmeer. Realiseer je dat je brief niet ‘ergens bij het fonds’ terechtkomt, maar bij een persoon. Iemand met een stapel plannen op zijn of haar bureau. Het hoofddoel van de brief is dat je deze persoon enthousiast maakt je plannen te gaan lezen. De wijze waarop je dat doet is vrij, maar probeer er met je brief voor te zorgen dat hij of zij denkt: “ha, ik ga nu eerst even een kopje thee zetten, want dit plan wil ik even fris en met extra aandacht lezen.”

Crowdfunding tips

14 crowdfunding tips

Crowdfunding is fantastisch, maar zorgt ook vaak voor grijze haren. Voor veel mensen is het toch best een hindernis, zo direct en persoonlijk om geld vragen. Wij struinden verschillende crowdfundingsites voor je af en verzamelden 14 tips van de experts. De leukste vinden wij: organiseer een lanceringsfeestje, met natuurlijk een computer waarop direct geld overgemaakt kan worden.

1. Crowdfunding is hard werken
Realiseer je vooraf dat crowdfunding veel meer is dan alleen je project op een website plaatsen en een filmpje maken. Je moet je project actief en op originele wijze promoten, donateurs werven en iedereen op de hoogte houden. Het is een tijdelijke fulltime baan… Maar pak je het op de juiste manier aan, dan zal je ook zien hoe leuk het is om met zoveel meer steun dan je misschien had verwacht je droom waar te maken.

2. Jij (en je passie) zijn nog belangrijker dan je idee
Je publiek moet jou leren kennen en sympathie ontwikkelen voor jouw droom. Een crowdfunding campagne draait voor een groot deel om jou, verstop jezelf niet achter je plannen.

3. 40 dagen
De beste looptijd voor een crowdfunding campagne is over het algemeen 40 dagen. Is de campagne korter dan 40 dagen dan heb je niet genoeg tijd iedereen te bereiken. Duurt de campagne langer dan 40 dagen, dan verslapt de aandacht.

4. Stem je doelgroep af
Het is beter een kleine groep donateurs te goed bereiken, dan een grote groep mensen half. Zorg er voor dat de mensen die je bereikt ook mensen zijn die echt geïnteresseerd (kunnen) zijn in je project. Ga bijvoorbeeld op zoek naar (online) ‘communities’ in jouw vakgebied.

5. Organiseer een feestje
Organiseer een feestje voor je beste fans, vrienden en familie. Zet dat tijdens dit feestje een computer klaar, waarop mensen meteen kunnen doneren. Of huur voor een avond een mobiel pinautomaat. En houd op een leuke manier de stand bij!

6. Zoek (lokale) pers op
Zeker lokale pers is vaak op zoek naar leuke, bijzondere of inspirerende verhalen. Licht hen in over je project. En vertel niet alleen dat je aan het crowdfunden bent, maar vertel hen vooral over je project en ideeën. Maak men enthousiast!

7. Zorg voor een goed ‘startbedrag’
Zorg ervoor dat er een groep is van 10-50 mensen die je project sowieso steunen. Vraag hen te doneren het moment dat je project online gaat. Dit is een goed voorbeeld voor twijfelende donateurs en versterkt je geloofwaardigheid.

8. Een exclusieve reward
Je reward (bedankje voor het crowdfunden) is belangrijk. Verzin iets origineels, bijzonders en vooral iets exclusiefs. Blijf wel in de gaten houden dat de kosten van de reward (en de tijd die je erin steekt) in verhouding staan tot de donatie.

9. Maximaal 2000 euro uit persoonlijke kring
Houd er rekening mee dat je gemiddeld maximaal 2000 euro ophaalt uit persoonlijke kring. Je moet dus echt de boer op met je project.

10. Content!
Zorg voor interessante content in het Social Media gedeelte van je campagne. Maak iets dat mensen leuk vinden om te delen (een bijzonder filmpje, grappige foto of goede quote).

11. Wekelijks contact
Blijf contact houden met je (potentiële) donateurs. Geef een wekelijkse update over de stand van zaken. Stuur ze eventueel een Tikkie als ze dat makkelijk vinden (wel eerst vragen!) En zorg voor een dialoog. Bedank en stel en beantwoord vragen.

12. Benader mensen individueel
Blijf niet hangen op Social Media, benader mensen ook individueel. Stuur dan geen standaardbrief, maar vertel mensen waarom dit project nou juist voor hen interessant is.

13. Crowdfunding start al voor dat je project online staat
Het is lastig mensen ‘uit het niets’ om geld te moeten vragen. Zijn ze al maanden op de hoogte van je project en leven ze met je mee, dan is het een stuk makkelijker te vertellen dat je aan het crowdfunden bent en ze te vragen iets bij te dragen.

14. Gebruik mogelijkheden Social Media
Bijvoorbeeld: via het geweldige ‘@’ kan je op Twitter mensen aanspreken die je in het normale leven nooit zomaar een berichtje zou sturen. Benader je idolen en vertel ze wat je aan het doen bent. Wie weet raken ze geïnspireerd en zetten zij hun (veel grotere) netwerk in om je te helpen.

Bronnen crowdfundig tips: Cinecrowd, voordekunst, Wayv Crowdfduning, Kickstarter

Bekijk het overzicht crowdfunding websites

Nadenken over het bestuur van je culturele stichting

Je ideeën uit handen geven aan een bestuur?

Het voelt een beetje gek, maar voor een groot deel van de culturele organisaties werkt het zo: De persoon/de kunstenaar achter de ideeën, vaak ook degene met de naam op de deur, zit niet in het eigen bestuur van de stichting en heeft daarmee ook niet volledig zeggenschap over de kant die de organisatie op gaat. Waarom dat zo is, en hoe een bestuur werkt, lees je hieronder.

Subsidie kunnen aanvragen

Een goed cultureel idee begint vaak bij een kunstenaar, die heeft een droom, of een goed idee. Maar wil je als kunstenaar subsidie aanvragen voor de project(en) die voortkomen uit dat idee, dan kan je dat vaak niet zomaar doen. Bij veel aanvragen is het hebben van een stichting verplicht. Bij een stichting hoort een bestuur. En dit bestuur heeft ook echt wat te zeggen over de projecten die de stichting opzet en uitvoert.

Waarom heeft een stichting een bestuur?

Een stichting heeft een specifiek doel, dat vastgelegd is in statuten. Deze statuten worden ondertekend door de leden van het bestuur van de stichting. Het bestuur houdt in de gaten of het doel van de stichting op de juiste wijze wordt nagestreefd. Dat bestuur controleert over het algemeen onbezoldigd (= onbetaald) of de projecten die de stichting doet wel passen bij de doelstellingen. Ook houden ze in de gaten dat er goed met het geld omgegaan wordt. Omdat de bestuursleden dit onbetaald doen, hebben ze een verminderd persoonlijk belang bij het al dan niet doorgaan van bepaalde projecten. Ze kunnen zo objectiever oordelen.

Wie zit er in een bestuur?

Het bestuur bestaat in ieder geval uit een voorzitter (hij of zij leidt vergaderingen en het bestuur zelf), een penningmeester (hij of zij beheert het geld) en een secretaris (hij of zij maakt verslagen van vergaderingen). Eventueel kan je het bestuur nog aanvullen met een algemeen bestuurslid of vice-voorzitter. Kijk voor de samenstelling van je bestuur goed naar de doelen van je stichting. Het is fijn als bestuursleden bepaalde expertise in huis hebben om je te helpen met het behalen van de doelstellingen.

Wie zit er niet in het bestuur?

Jijzelf. Tenminste niet als je betaald wilt worden voor de activiteiten die je doet voor de stichting. Het is aan het bestuur te controleren dat het geld correct uitgegeven wordt, dus mogen bestuursleden niet ook werkzaam zijn voor de stichting. Jij kan wel directeur zijn van de stichting, of als freelance kunstenaar voor de stichting werken. En het bestuur kan je ook tekenbevoegd maken, zodat je zelf betalingen kunt doen.

Wat doet het bestuur?

Het bestuur komt vier keer per jaar bij elkaar, met de directeur(en)/leiders/kunstenaars/uitvoerders van de stichting. In deze vergaderingen worden de activiteiten besproken. Ook controleert het bestuur het jaarverslag en de jaarrekening. Een bestuur kan meer en minder actief zijn, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid projecten die je doet en de aard van het bestuur zelf. Als je een Culturele ANBI (Algemeen Nut Beogende Instelling) bent zijn er meer verplichtingen aan de wijze van besturen. Zie ook de Cultural Governance Code.

Waar rekening mee houden?

Een goed bestuur kan je stichting verder helpen. Een fijn bestuur geeft je inhoudelijk of zakelijk advies, heeft handige connecties of de bestuursleden zijn enthousiaste ambassadeurs van de stichting en de projecten. Echter is het ook aan het bestuur om bij problemen in te grijpen. In extreme gevallen kan een bestuur besluiten dat ze zonder jou door willen. (Wees gerust, dat gebeurt bijna nooit.) Maar denk dus van te voren goed na of je een stichting wilt oprichten en wie er dan in dat bestuur moet zitten. Bezint, eer ge begint!

Lees hier meer over het oprichten van een stichting | en het opstellen van een missie en visie.

Oproep plaatsen in het Cultureel Avonturiers netwerk

Heel veel Cultureel Avonturiers weten ons inmiddels te vinden en maken gebruik van ons netwerk. Daar zijn we heel blij mee en we zetten dat netwerk graag in om unieke, spannende en innovatieve  culturele projecten mogelijk te maken.

Dus.

Heb je een culturele vacature? Ben je op zoek naar een freelancer voor je project? Heb je een partner nodig? Of makers voor je festival? Plaats je oproepje dan met dit formulier. Wij verspreiden de oproep via onze sociale media en besteden er aandacht aan op de website. 

We zien jouw bericht graag tegemoet!

Bellen of niet? Twijfels bij en tips voor het versturen van een persbericht.

Misschien toch niet zo’n goede tip voor je persbericht

Het internet staat er vol mee. Tips voor het schrijven van een goed persbericht. Onder aan het lijstje staat ook vaak ‘vergeet niet na te bellen!’ Ofwel, leg persoonlijk contact met de journalist. Het is les 1 Public Relations, maar ja. Bellen met vreemden staat meestal niet bovenaan je lijstje met ‘dingen die je leuk vindt aan je werk.’ Is dat bij jou ook zo? Dan heb ik goed nieuws. Doe namelijk maar niet, dat nabellen.

IJskoude contacten

In ieder geval niet bij wat we ‘koude contacten’ noemen en zeker niet zonder een concrete vraag of een echt fantastisch-niet-te-missen aanbod. Zomaar bellen, met enkel als doel ‘op de radar te komen’ heeft vaak niet zoveel nut. Of, afgaand op verschillende blogs van journalisten, is het zelfs hoogst irritant. Iedereen is druk, mails met persberichten komen echt wel aan en niemand wil telefonisch direct moeten verantwoorden of hij (of zij) jouw persbericht wel ontvangen heeft en, zo ja wanneer er iets gedaan mee wordt. Of, waarom niet?! In het slechtste geval zet iemand je in zijn telefoon onder ‘niet opnemen’ (true story.) Wil een journalist iets met jouw bericht doen, dan weet hij wat te doen.

Warme contacten

Natuurlijk zijn er uitzonderingen. Heeft jouw vaste recensent nog geen perskaart aangevraagd voor je nieuwe première, dan kan je heus bellen met de vraag of hij wil komen of dat dit keer een andere dag misschien beter schikt. Maar die recensent is, wat we noemen, een warm contact. Iemand die je kent. Iemand die over het algemeen blij is iets van jou te horen, zakelijk of anderszins, en graag iets doet met wat jij vraagt.

Concrete reden

Heb je een concrete vraag (anders dan ‘ga je nog eens iets doen met mijn bericht, hallo’), dan zijn mensen vaak ook niet te beroerd je te helpen. En weet je echt zeker dat de persoon op jouw belletje zit te wachten (en wees daarbij echt kritisch op de nieuwswaarde van je bericht) dan kan een keertje de telefoon oppakken zeker de moeite waard zijn. Maar ook dan loont eerst mailen vaak. Want nogmaals, die mails worden gelezen. (Of met een reden genegeerd.) Geef in je mailtje aan dat je graag nog een keertje belt, als dat schikt. En als je dan belt, dan weet de persoon aan de andere kant ook direct waar het over gaat. Dat praat toch makkelijker.

En wat doe je dan met die tijd die je over hebt? Tips!

Nu je niet meer eindeloos uit hoeft te stellen dat je nog een lijst af moet bellen en niet uren voice-mails aan het inspreken bent heb je tijd voor effectievere zaken. Zoals:

  1. Een persbericht op maat maken. Een lokale krant schrijft over andere dingen dan een landelijk tijdschrift. Vind verschillende actuele invalshoeken op jouw nieuws en pas je persbericht aan op elk medium. Dat vergroot je kansen dat je geplaatst wordt.
  2. Aan je timing werken. Een tijdschrift heeft een persbericht een maand of 3 voor jouw première nodig terwijl een dagblad na 3 maanden vergeten is dat jouw tentoonstelling dit weekend geopend wordt. Kies een aantal goede momenten waarop je je bericht én je herinnering verstuurt.
  3. Een goede perslijst opbouwen. En houdt bij wie wanneer iets plaatst of wie minder gediend is van jouw berichten. Dat helpt je de volgende keer. Hier zijn ook (online) systemen voor als AdresData van EM-Cultuur en Faselis van de MediaInfoGroep. (Met een noot van de redactie: dit is geen gesponsord bericht.)

Bekijk hier een sjabloon voor een persbericht of lees hier meer over cultuurmarketing.

 

Afwijzing hoort erbij

“Failure is the condiment that gives success its flavor.”  ― Truman Capote

De laatste weken zijn er weer een hoop beoordelingen van fondsen bekend geworden en om mij heen zie ik de klappen soms hard vallen. Als danseres leerde ik al vroeg: afwijzing hoort erbij. Ik was te lang, te klein, te blond, niet blond genoeg, of ik paste gewoonweg niet in het plaatje. De redenen voor afwijzing waren vaak factoren waar ik niet altijd invloed op had. Hetzelfde geldt voor de financiering van startende projecten. Afwijzing betekent lang niet altijd dat je plannen slecht zijn. Soms pas je gewoon niet binnen het plaatje, mist er nog net wat cruciale informatie of is simpelweg het geld op.

Iedereen wordt wel eens afgewezen

Dat je niet alleen bent in je afwijzingen en teleurstellingen bewijst het internet. Google maar eens op ‘inspirational quotes failure’ en de wijze woorden vliegen je om het hoofd. De samengevatte boodschap van die woorden? Falen hoort erbij, is zelfs noodzakelijk en maakt je sterker. Dat is… als je verstandig met je falen om gaat.

Vooral niet doen

Natuurlijk, wanneer die afwijzingsmail binnenkomt mag je best een avondje balen, roepen dat je gaat emigreren en heel veel chocola eten. Maar de volgende dag zijn er twee dingen die je vooral niet moet doen. 1: Je plannen in de prullenbak gooien en met de rest van de chocola in bed blijven liggen. Zoals ik al schreef, je afwijzing hoeft niet te betekenen dat je idee niet goed is, dat jij niet goed bent of dat je nooit van je leven succesvol zal zijn. 2: Luidkeels verkondigen dat ze het bij het verkeerde eind hebben en blind doorwalsen (ik zeg: Idols).

Wat je wel moet doen

Hoe pijnlijk en vervelend het ook is, probeer er achter te komen waarom je afgewezen bent. De standaard brief vertelt je vaak weinig, dus ga bellen. Kijk met deze informatie nog eens goed en nuchter naar je plannen. Is je project misschien toch niet goed? Waar scheelt het aan? Is het verstandig je plannen te laten varen of kan je ze aanpassen? Wees eerlijk en trek je conclusies. Misschien is het tijd om dit project te stoppen en te kijken naar de toekomst. Maar misschien kan je met de juiste aanpassingen door. In dat geval, maak ze, haal diep adem en start aan je plan B. Want wat is echt succes zonder een beetje te hoeven knokken…

“Success is stumbling from failure to failure with no loss of enthusiasm.”  ― Winston Churchill

Tips van kenners 1

Tips van kenners (1)

Bijzondere sprekers kwamen aan bod tijdens het seminar ‘Cultuur, daar geef je om’ op 30 augustus 2013. Geven en teruggeven waren de thema’s die besproken werden. Een kleine selectie van de inspirerende tips en gedachten van de sprekers voor de pauze.

1. Geven is leuk! En vrouwen kunnen het beter…

Zo meldde hoogleraar Ilja van Beest. Daarom drie kernbegrippen om ook mannen aan het geven te krijgen:
1. Zorg ervoor dat de gift statusverhogend werkt (Ik geef, dus ik heb geld genoeg. Ik geef, dus ik ben maatschappelijk betrokken.)
2. Laat ze door de gift erbij horen (Geef jij ook?)
3. En wakker competitie aan (Wie geeft het meest?)
En wie het meest geeft, heeft de meeste status. Daarmee is de cirkel weer rond en houdt het systeem zichzelf in stand. Denk bijvoorbeeld aan The Giving Pledge.

2. Emotie boven economie

Thijs Rotmans van The Pricing Company constateerde het volgende: Wanneer je gevers aanspreekt op het economisch voordeel van de gift (vrienden van de schouwburg krijgen drie gratis kaartjes) gaan mensen er ook zo naar kijken. Dat is riskant, want zo kunnen (potentiële) gevers ook gauw besluiten dat ze ‘het er niet uit halen’. Spreek ze in plaats daarvan aan op hun intrinsieke motivatie om te geven, spreek ze aan op een emotionele reden. Bijvoorbeeld: steun jonge makers in de start van hun carrière.

3. Een flinke dosis enthousiasme en een bijzondere tegenprestatie werkt

De initiatiefnemers van de theateropera ‘Schuim’ haalden 130% van het benodigde bedrag op door middel van crowdfunding. Ter plekke demonstreerden zij dat enthousiasme en een goed verhaal werken. Daarnaast toonden zij de effectiviteit van een bijzondere tegenprestatie. Zo kregen donateurs die meer dan 2000 euro bijdroegen hun eigen privévoorstelling op een locatie naar keuze. Wie zou dan niet willen geven..? http://www.vliegwielproducties.nl/

4. Geef aan cultuur, begin bij jezelf

Jolien Schuerveld eindigde haar presentatie met een vurig betoog aan de wervers om ook zelf aan cultuur te geven. Het maakt je betoog als werver overtuigender, je ziet hoe andere wervers het aanpakken en boven alles… het geeft je een goed gevoel. En aangezien herhaling de kracht van het leren is, hierbij nog een keer: Geef aan cultuur, begin bij jezelf!

Lees in Tips van kenners 2 wat de sprekers na de pauze te vertellen hadden!

Vitaminen voor cultureel ondernemers

Het gaat goed… toch?

Stel, je bent gestart als cultureel ondernemer en tegen de ideeën van de populaire opinie en bezorgde ouders in gaat het wonderwel goed. Je hebt verschillende opdrachtgevers, bent lekker aan het werk en moet misschien af en toe wel nieuwe opdrachten weigeren omdat je te druk bent. Niets aan de hand zou je zeggen, lekker van genieten. Maar wil je op de lange termijn op deze manier blijven werken en liever nog, groeien, dan moet je als cultureel ondernemer zakelijk gezond blijven en steeds nieuwe (betere, leukere, mooiere) opdrachtgevers aantrekken. In fancy bedrijfstaal: ‘stilstand is achteruitgang’. Daarom 6 ingediënten voor je dagelijkse zakelijke fruitsalade. Ze klinken misschien simpel, maar wees eens eerlijk, welke vitaminen mis jij?

  1. Vergeet niet te blijven investeren in jezelf. Plan daarom een aantal vaste momenten in de week of maand waarop je dingen doet die voor jou belangrijk zijn (administratie, marketing, scholing). Zet deze momenten in je agenda (echt!), zodat ze niet stiekem elke keer onderaan de to-do lijst belanden.
  2. Zorg voor een goed relatiebestand met al je oude, huidige en potentiële opdrachtgevers en leuke contacten en laat met enige regelmaat iets van je horen. Heb je een groot relatiebestand? Denk dan eens aan het versturen van een nieuwsbrief.
  3. Maak een goede begroting voor het komende jaar. Maak per maand een reeële schatting hoeveel geld je denkt te gaan verdienen. Zo weet je wat er nog bij moet (en wanneer) en kan je gericht actie ondernemen. Je kan ook ontdekken dat er eigenlijk wel genoeg binnen komt. Dan heb je opeens de vrijheid om slecht betaalde, dan wel oninteressante, nieuwe opdrachten af te slaan en die tijd te steken in de groei van je bedrijf (terug naar punt 1). Verdien je volgend jaar nog meer…
  4. Elke keer weer veel te lang met je BTW aangifte bezig? Investeer in een goed boekhoudsysteem. Die zijn online te vinden in vele soorten, maten en prijzen. Onderzoek even waar jij behoefte aan hebt en geloof me, aangezien zij al het rekenwerk voor je doen bespaart het je vele uurtjes.
  5. Hou regelmaat in je (online) marketing acties. Al heb je op dit moment opdrachten genoeg, zorg dat je zichtbaar blijft voor in de toekomst. Plan vaste momenten waarop je blogt/tweet/een nieuwsbrief verstuurt. Heb je een onregelmatig ritme? Bestook dan niet op je vrije dag mensen met informatie om vervolgens lang niets van je te laten horen. Bijna elk online medium heeft de mogelijkheid tot het plannen van berichten. Zet een stapeltje klaar en je kan er weer even tegen.
  6. Zorg voor een goed online ‘verzamelsysteem‘, zoals Evernote of Pinterest. Alles waar je nu geen tijd voor hebt (het lezen van dit blog met geweldige tips, goede links om te tweeten, inspiratie of belangrijke informatie) vind je later makkelijk terug.

 

Tips van kenners 2

Tips van kenners (2)

Het duurde even, maar dan heb je ook wat. Het tweede deel van het seminar ‘Cultuur, daar geef je om’ was namelijk net zo interessant als het eerste. Wederom een kleine selectie tips en inspiratie, nu uit het programma na de pauze:

1. Wees geen bedelaar!

Zo beet Ryclef Rienstra van de VandenEndeFoundation het spits af. Met drie belangrijke tips hoe het vooral niet moet:
1. Presenteer jezelf niet als hulpbehoevend. Laat je van je sterke kanten zien. En, belangrijk, onderscheidt jezelf met deze sterke kanten van andere culturele instellingen.
2. Benader niet iedereen. Ga doelgericht en selectief te werk in het benaderen van eventuele mecenassen en maak duidelijk dat hun bijdrage cruciaal is.
3. Begin niet meteen over geld. Maak je potentiële mecenassen eerst enthousiast. Laat ze meedenken, ook over de mogelijkheid hoe ze eventueel hun eigen netwerk voor jou zouden kunnen inzetten.

2. Samen geven

De Vereniging Rembrandt weet: Mensen geven meestal niet aan kunst vanwege een economisch belang, maar vanuit een innerlijke motivatie. Bijvoorbeeld de liefde voor kunst en de behoefte ergens deel van uit te maken. Als collectief mecenaat organiseert de Vereniging Rembrandt daarom verschillende vormen van bijeenkomsten, vergaderingen en lezingen voor alle leden. Leden zijn geen donateurs van een afstandje, maar ze horen er echt bij.

3. Vrijwilligers horen erbij

Wanneer Doro Siepel van Theater Zuidplein met passie spreekt over haar vrijwilligers wil je je spontaan aanmelden. Haar vrijwilligers vormen een geliefd en gelijkwaardig team. Daarnaast leveren de vrijwilligers een belangrijk bijdrage aan de maatschappelijke waarde van het theater. Door de vrijwilligers komt Theater Zuidplein actief in contact met hun doelgroep. Door ze serieus te nemen en te luisteren naar hun voorkeuren programmeren ze zo bijvoorbeeld wel eens een voorstelling waar ze zelf nooit van gehoord hebben, maar die inslaat als een bom. Theater Zuidplein staat hierdoor midden in de maatschappij.

4. Laat jezelf zien

Ook het glasmuseum werkt met vrijwilligers en zij benadrukken het belang van verschillende samenwerkingen. Zo nodigden zij ontwerper Jan Taminiau uit om aan het werk te gaan in de glasblazerij. Wat ik vooral leerde is dat je niet bang moet zijn te laten zien wat voor mooie dingen je maakt/doet. De prachtige foto’s die getoond werden tijdens de presentatie gaven mij spontaan zin een retourtje Leerdam aan te schaffen.

5. Incrowdfunding

Na alle positieve verhalen, sluit Sieger Sloot, acteur en ambassadeur van Cultuur, daar geef je om, af met een kritische noot. Hij waarschuwt ons voor de heilige graal van crowdfunding. Net als inmiddels velen heeft ook hij een succesverhaal van een project dat mede mogelijk gemaakt werd door crowdfunding. Maar, zegt hij eerlijk, dit succesverhaal was vooral afhankelijk van een rijke vriend in Quatar en een vriendendienst van een gratis filmcrew. Crowdfunding bleek dus vooral incrowdfunding. Mooi voor je eerste project, maar wat is de herhaalbaarheid ervan? Geven je vrienden en familie de volgende keer weer? Blijf dus zoeken naar langdurige of herhaalbare vormen van financiële steun.

Lees ook Tips van kenners 1!